“Poets je tanden, blijf aan tafel zitten, schreeuw niet zo, hang je jas op, hou op met irriteren,
niet op de bank springen, ruim die zwijnenstal op, …..ik tel tot drie en dan.!”
Aan het eind van zo’n dag lig je er toch af…wie eigenlijk niet, denk je dan?
Hoe houd je de regie, zonder dat je jezelf verliest en uit je slof schiet?
Veel ouders zeggen dat opvoeden begint op het moment dat kinderen gaan lopen. Het begint met “néé” en een jaartje later met “néé, wil niet ”, tot …..“zelf doen”! Trek je de voordeur nietsvermoedend achter je dicht, dan staat je peuter een seconde later op de stoep te brullen! En het huilen is echt pas over, als je opnieuw de voordeur opendoet en je peuter als nog de kans geeft om de deur zelf dicht te trekken. Er zijn ouders die vinden dat je dan te veel aan de wensen van je kind toegeeft. Zij kiezen in het begin voor een “ik blijf de baas” aanpak. In de praktijk blijkt echter die aanpak bijna altijd te eindigen in een slopende machtstrijd tussen kind en ouders. Eenmaal op de basisschool blijkt de leeftijd van je kind ook een bron van stress op te leveren. Ze zijn Oost-Indisch doof, doen niet wat je zegt en houden zich niet aan hun afspraken. Met “ma-àm of pa-àp, boe-í-í , doe even normaal!”, zegt je kind : ”stop ermee, ik weet allang wat je wilt, ik doe het , zoals of wanneer ik het wil!” Niemand verwacht van kinderen meer een blinde volgzaamheid. Maar iedere ouder en beroepskracht verlangt wel dat kinderen weten en begrijpen, wanneer ze moeten luisteren. Niet door als een politieagent de hele dag in te grijpen, met straf te dreigen of door kinderen met een time out op de gang te zetten. Gelukkig zijn er andere manieren om kinderen te doen gehoorzamen. Een effectievere aanpak met duidelijke regels en grenzen, waarbij iedereen zich begrepen voelt.
Wil je het over een andere boeg gooien en af van die ‘scheidsrechterrol’, schrijf je dan in voor de workshop ‘Als je kind niet luistert …’